Overdenking zondag 24 mei

Voor de overdenking:

Psalm 71: https://www.youtube.com/watch?v=l5rNEX05sOM

votum groet
kijkdoos
gebed

Groeten uit de gemeente: https://www.youtube.com/watch?v=q6I_uI7FWLs&feature=youtu.be

Psalmen voor nu 126: https://www.youtube.com/watch?v=EUHrhGSQV9g

overdenking

Opwekking 553: Laat het feest zijn in de huizen https://www.youtube.com/watch?v=SdIJLZZ8iYA

Gebed
Zegen

De zondag tussen Hemelvaart en Pinksteren heet Wezenzondag. De Heer is naar de hemel gegaan. En de Geest is nog niet uitgestort. Eén zondag waarop we alleen zijn. Op onszelf aangewezen, zo lijkt het. Wezen, kinderen zonder ouders. Een zondag om even na te denken. Tot jezelf te komen. God vond jezelf zoveel waard, dat Hij zijn Zoon voor jou naar deze aarde stuurde. En toen de Zoon weer naar huis ging, liet God ons niet alleen. De Geest wordt op mensen uitgestort. Zodat ieder een profeet, priester en koning is. Dat was de verzuchting van Mozes: legde de Heer zijn Geest maar op heel het volk. Dat iedereen een profeet was. En met Pinksteren is het zover.

De Geest komt en brengt zijn gaven mee. Daaronder bevindt zich vreugde en zelfbeheersing. Daarover gaat het vandaag. Over die vreemde combinatie van jezelf beheersen en tegelijk vol vreugde zijn.

Ik houd wel van een feestje. Vooral als het door een ander georganiseerd is. Niet om in het middelpunt te staan. Wel aan de zijkant. Wat drinken en eten, praten en lachen. Soms wat gek doen. Op zich is er niet veel voor nodig om vrolijk te zijn. Een goed humeur, als je buiten bent, aardig weer. En je kunt zo een dansje doen. Even alles om je heen vergeten. Onbezorgd zijn, onbelast.

Feestjes: als je jarig bent. Je viert dat er weer een jaar voorbij is. Een jaar ouder geworden. Een dag van bezoek, van cadeaus. Met slingers en ballonnen. Gebak. Of als je trouwt. Kan je die dag nog herinneren. Je mooiste kleren aan. De mensen om je heen, van wie je houdt. Zoveel jaren aan het werk. Een mijlpaal die je hebt bereikt: reden voor een feestje. Een klassenfeestje, je bent geslaagd voor je opleiding, je hebt een diploma gehaald: reden voor een feest.

Probeer in deze tijd maar eens een feestje te vieren. Dat is niet leuk. Een verjaardag met al die kaarten is nog zo leuk, maar je mist het spontane bezoek. Je viert een huwelijksdag met je gezin, maar dat is het dan, en je kunt samen langs alle plekken, die belangrijk zijn. Dat is leuk en geeft plezier. Maar je mist het delen, het delen met elkaar.

Er stonden een aantal huwelijken in mijn agenda: afgezegd. We trouwen wel voor de wet, maar het feest geven we later. Als iedereen er ongestoord bij kan zijn. Als het echt feest kan zijn.

Je leert blij te zijn met het kleine. Ik hoop dat je nog vrolijk kunt zijn met elkaar. Vrolijk in kleine kring. Dat er nog vreugde is.

Waar ben jij in deze tijd blij mee?

Hoe vier jij het liefst een feest?

L: Exodus 23: 10-17

Zes jaar achtereen mag je je land inzaaien en de oogst binnenhalen. Maar het zevende jaar moet je het land braak laten liggen en het met rust laten, dan kunnen de armen onder jullie ervan eten; wat zij nog overlaten is voor de dieren van het veld. Met je wijngaard en je olijfgaard moet je hetzelfde doen. Zes dagen lang mag je werken, maar op de zevende dag moet je rust houden; dan kunnen ook je rund en je ezel uitrusten en kunnen je slaven en de vreemdelingen die voor je werken op adem komen. Houd je verre van alles waarvoor ik jullie heb gewaarschuwd. Roep geen andere goden aan, laat hun naam niet over je lippen komen. Driemaal per jaar moeten jullie ter ere van mij feestvieren. In de maand abib, de maand waarin jullie uit Egypte weggetrokken zijn, moet je op de daarvoor vastgestelde dagen het feest van het Ongedesemde brood vieren. Eet dan zeven dagen lang ongedesemd brood, zoals ik je heb opgedragen. Niemand mag dan met lege handen voor mij verschijnen. Verder moeten jullie het Oogstfeest vieren, het feest van de eerste opbrengst van wat je op de akker gezaaid hebt, en tot slot, wanneer aan het eind van het jaar de hele oogst is binnengehaald, het Inzamelingsfeest. Driemaal per jaar dus moeten alle mannen voor de Machtige, de HEER, verschijnen.

 

God organiseert feesten. Jezus gaat naar veel van deze feesten toe. Ik kan me niet herinneren, dat Jezus zelf een feest geeft, wel dat Hij op feesten aanwezig is. Vreugde past wel bij God en bij Jezus.

God organiseert drie feesten: Pesach, wekenfeest en loofhutten. Feest van bevrijding, feest van het begin van de oogst en inzamelingsfeest, als de oogst in binnengehaald. Drie feesten, die uitbundig gevierd moeten worden.

Het zijn feesten van het volk en voor het volk. Maar ook feesten voor God. Het volk moet voor God verschijnen bij het heiligdom. Dankbaar voor de vrijheid, dankbaar voor wat God geeft en gegeven heeft. Dankbaar voor Gods bescherming. Het volk viert het leven. En daar hoort bij dat God het leven, het goede leven beschermd. Daar horen zijn woorden voor het leven bij: heb God lief met alles wat in je is en je naaste als jezelf.

Wij kennen het feest van de geboorte van Gods Zoon, de opstanding en de uitstorting van de Geest. Kerst, Pasen en Pinksteren. Dat zijn de feesten die wij vieren. Die we uitbundig kunnen vieren. Blij met wat God geeft: leven, vrijheid, bescherming. Enthousiasme. Begeesterd zijn. Vol vreugde om wat God geeft.

En soms heb ik daar mijn vragen bij. Of we die vreugde, die geestelijke vreugde nog kennen. Die vreugde van een David, die aan niets dacht, dan voor God te dansen. En wat de mensen er ook van dachten, het maakte hem niet uit. Hij danste voor God!

Vreugde is ook iets van samen. Iets wat je deelt. Ik kan wel alleen dansen bij het zien van een mooie libel, een prachtige vogel, een schitterende vlinder. Maar je wilt het moment delen. Vertellen. Verhalen vertellen. Vreugde is van samen. Juist dat wat we missen in deze tijd.

Nu kan jezelf in vreugde helemaal laten gaan. Maar bij deze feesten geeft God ook een regel voor zelfbeheersing. De schepping moet je niet helemaal uitputten. Het is niet alleen maar aan jezelf denken en er dan uithalen wat erin zit. Je moet ook durven leven van wat God geeft. God gaf het sabbatsjaar. Een jaar lang uitrusten.

Volgens mij zijn er velen al zat van. Niets kunnen doen. De horeca die dicht is, ze willen open. Gyms die gesloten blijven, ze willen open. Het is hun brood. Wie kijkt er naar hen om, als er geen geld binnen komt? Wie zorgt er dan dat zij kunnen leven? God had daar regels voor: je deed het samen. Schulden werden kwijtgescholden. En je leefde van wat het land opbracht.

Het is de vraag, of het werkelijk zo gewerkt heeft. Kunnen we ons zo beperken. Onszelf beheersen. Maar aan de andere kant: laat deze tijd ook niet zien, wat er gebeurt, als wij de aarde uitputten